//here
Toon/Verberg

Jeroen kijkt toe bij de A-categorieIn april 1987 neemt Jeroen eindelijk het besluit om bij zijn vroegere club Schaakmat in Kaatsheuvel te gaan spelen. Jeroen krijgt na zijn partij tegen zijn eerste tegenstander Mari van Boxtel meteen al een complimentje dat hij rustig speelt, niet met de snelheid waarmee enkele andere leden hun partij aframmelen. Zo weet Jeroen één van die snelschakers Michel Gompelman meteen al van het bord te schuiven.

Jeroen stond al vrij snel bekend als de openingenkenner, toch wist Jeroen met allerlei gambietvarianten voorlopig nog geen raad, zo speelde Wim van Wanrooy zijn Evans-gambiet en Peter Damen zijn Schots gambiet, Jeroen verloor van beiden vrij snel. Peter van Eindhoven echter speelde met zwart Konings-Indisch en Jeroen wist lang met degelijk spel sterk partij te geven maar moest tenslotte toch opgeven.

Met zwart speelde Jeroen tegen Frans Fiora de variant 1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.Lc4 Pf6 4.Pg5 d5 5.ed5 Pa5 6.Lb5+ c6 7.dc6 bc6 8.Df3 Lb7. Tijdens het spelen van deze variant zo ongeveer bij de 6e of 7e zet riep Frans naar zijn broer Henrico: ,,Rico, kom toch ies kéike, hoe mot déés ok awir, want dieje Vegoewl, die maok me toch wé klaor?!" Even later komt Michel Gompelman aan het bord kijken, en Frans vraagt: ,,Hoe ies't Gompelman, hoe ies't mej de méid, zit alles nog in de midde?" Michel zegt van wel, daarop gaat Frans quasi verbaasd achterover in zijn stoel zitten en vraagt: ,,Hoe witte gij dé?"

Jeroen zag tijdens een clubavond ook een ratinglijst van Schaakmat, de exacte ratings weet hij natuurlijk niet meer: Wim van Wanrooy 1950+, Peter van Eindhoven 1850+, Peter Damen 1650+, Henrico en Frans Fiora beiden 1550+, Christ Brekelmans 1550+, Arjan Kuyten en Hans v/d Velden 1500+ en verder een aantal andere leden beneden de 1500.

Jeroen werd door Paul van Schijndel uitgenodigd voor kruislingse meetings om ervaringen uit te wisselen, vooral over openingen. Het begon er al mee dat Jeroen aangaf tegen e2-e4 graag het Siciliaans, 1......c5 te spelen, Paul gaf aan: ,,Dan ben ik geneigd om die te spelen." Hij gaf de zet c2-c4 aan. Deze meetings liepen al vrij snel uit naar het spelen van een gewone partij. In de inerne competitie zag Jeroen, dat Paul altijd voornoemde variant 1.e4 c5 2.c4 speelde en vroeg of laat volgde dan d2-d3, je kreeg dan een soort Stonewall op de Damevleugel. Peter van Eindhoven noemde dit het Paul van Schijndel-systeem.

Jeroen hekelde voornoemde variant een beetje, heden ten dage denkt hij daar heel anders over. Jeroen beweert dat iedereen gewoon zijn eigen spelletje moet spelen en dat men een beetje huisvlijt moet opbouwen om varianten waar men een hekel aan heeft effectief aan te pakken. Zo zei Peter Damen na het zien van de variant 1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.Lc4 h6 dat die Paul van Schijndel echt iets aan zijn openingen moest gaan doen.

In oktober 1987 gaat Jeroen deelnemen aan het schaaktoernooi in ontmoetingcentrum De Hoorn in Loon op Zand. Dit was een gezellig en mooi toernooi rapidschaken. Er werden 2 rondes op woensdag, 2 rondes op vrijdag en 3 rondes op zondag gespeeld. Traditie bij dit toernooi was dat na de 5e ronde op zondagmiddag rond half één erwtensoep werd geserveerd. Jeroen word ingedeeld in de B-groep en behaalde goede resultaten.

Jeroen had echter meer belangstelling voor de A-groep en stond regelmatig te kijken bij de analyses, vele handen en stukken vlogen dan over het bord. Leo Karreman merkte een keer op: ,,Ach, je moet gewoon Th8 spelen en dan is het gewoon einde verhaal." In de laatste ronde werd het spannend. Peter van Eindhoven stond eerste, Fred Klerks tweede, maar als beiden zouden winnen zou Fred op weerstandspunten Peter passeren. Fred Klerks verloor echter van Ton Snoeren en Peter van Eindhoven sleepte mede daarom de toernooiwinst binnen.

Ton Snoeren (links) en Fred Klerks (rechts) in de slotfase van hun partij. (zie afbeelding) Voor het podium staat wedstrijdleider Ed Janssens en helemaal rechts staat Jeroen belangstellend toe te kijken. Winnaar van de ,,Giedus van Roosendaal"-wisseltroffee werd dus Peter van Eindhoven. Deze wisseltroffee had het uiterlijk van een porseleinen bloemenvaas met Delfsblauwe opschriften, maar daarom wel veel mooier dan andere wisseltroffeeën.