Toon/Verberg

Op carnavalsavond vrijdagavond 1 maart 2019 speelden we een competitiewedstrijd tegen Stukkenjagers E. Ik speelde aan bord 2 tegen Ivar v/d Heide en zoals altijd had ik er weer zin in. Ivar speelde een Caro-Kann en ik zoals al jaren de doorschuif-variant. Maar deze keer wilde ik het scherp aanpakken, niet met 4.Pf3 maar met 4.Pc3. 1.e4 c6 2.d4 d5 3.e5 Lf5 4.Pc3 e6 5.f4 {oeps, dat was eigenlijk niet mijn bedoeling, maar hoe ik hier bij ben gekomen, ik weet het niet, misschien blind door mijn fanatieke instelling, ik had voor de 5e zet ook al flink wat bedenktijd gebruikt, ik zat misschien al vooruit te rekenen in de hoofdvariant uit mijn eigen theorie of ik zat varianten door elkaar te halen.

Misschien met een vingerfoutje de verkeerde pion gepakt. Ik wilde eigenlijk 5.g4 spelen.} 5.....Pd7 6.g4??? {ik dacht: ,,Dan speel ik 't nu maar". Maar nu is het de verliezende zet!} 6.....Dh4+ {dat is weer schrikken en balen!} 1 of 2 zetten later had ik door het wit van mijn ogen al verschillende mensen naast mijn bord zien staan waar onder Roelant Schoots, ik zag dat hij nee schuddend weer terug liep, al dan niet volkomen terecht! Tot overmaat van ramp speelde ik op de 19e zet ook nog een onregelementaire zet, de Toren stond nog op a1, maar de witte Koning was via d2 en e1 naar d1 gegaan om daar de zwarte Dame terug te nemen. Ik zette de Koning van d1 naar c1 en met de Toren ,,maakte ik de lange rockade af". De tegenstander protesteerde natuurlijk!

Op de 23e zet gaf ik op en bleef daarna nog gezellig naar de andere partijen kijken en ook in de keuken naar de verschillende analyses, ook kwam mijn tegenstander nog even afscheid nemen, ik heb na afloop ook nog alles opgeruimd en recht gezet en toen naar mijn vriendin Gertie bij haar thuis gelopen en niet veel nagedacht over de blamage. Dat kwam wel 's-morgens. Ik ging aan het analyseren met mijn oude Fritz of ik niet ergens de kans had gekregen om toch weer terug in de partij te komen, maar nee. Wel kan ik vertellen dat ik een doorschuifvariant met 4.Pc3 e6 5.g4 Lg6 voor ogen had. Eén van de mooiste hoofdvarianten uit mijn eigen theorie is: 1.e4 c6 2.d4 d5 3.e5 Lf5 4.Pc3 e6 5.g4 Lg6 6.Pge2 c5 7.h4 cd4 8.Pxd4 h5 9.Lb5+ Pd7 10.f4 hg4 11.f5 Txh4 12.Tf1

Over de 12e zet is in de jaren '80 in Schakend Nederland een paar maanden achtereen een hele theoretische discussie geweest naar aanleiding van een artikel van Leon Pliester, zelfs John Nunn kwam er aan te pas, het ging over de tekstzet, 12.Tg1 en het excentrieke 12.0-0. Ad Swinkels merkte na afloop nog op dat ik mijn koningsstelling flink open had gegooid, maar dat is in bovenstaande variant ook. Roelant en Maarten waren vrijdag uitgedost in Carnavalskledij, iedereen zal denken of ik ook al niet met mijn hoofd bij het Carnavals-gedruis zat, maar daar geef ik helemaal niets meer om, tenslotte hebben Roelant en Maarten in samenwerking met Philippe en Mark hun tegenstander geplet. Geinig was de bijnaam Martine. Nu heb ik deze tekst zitten schrijven terwijl de echte Carnaval-vierders aan het feesten waren. Maar na deze partij ben ik getergd als een Dolle Stier, ik als ex-Nederlands kampioen correspondentieschaak en nog maar bitter weinig ervan gebakken bij DSC, vooral extern, nu had ik de kans iets moois op het bord te zetten............!